Echografie

Echografie is vooral bekend als een methode om bij een zwangere vrouw te zien hoe de baby in de buik zit.

Bij echografie worden afbeeldingen van de inwendige mens gemaakt met behulp van geluidsgolven.

De toonhoogte van deze geluidsgolven ligt ver boven de gehoorgrens en noemt men daarom ultra-geluid. De beeldvorming vindt direct op een beeldscherm plaats en berust op het feit dat het ene weefsel meer geluid terugkaatst dan het andere.

Echografie

Celwoekeringen kunnen meestal goed gezien worden, alleen minder scherp dan bij een CT-scan of een MRI. Deze onderzoeksmethode geeft geen stralingsproblemen en kan daarom, zonder dat dit een grote belasting voor de patiënt betekent, probleemloos regelmatig herhaald worden.

Doordat de fontanel op de schedel bij baby’s nog niet gesloten is, is met behulp van een echografie van de hersenen, diagnose van een hersenaandoening mogelijk. Echo-onderzoek geeft bij pasgeboren kinderen vaak de eerste indicatie van de mogelijke aanwezigheid van TSC.

De arts die het onderzoek uitvoert, heet een radioloog. Eerst brengt de radioloog een klein beetje contactgel aan op de huid. Dit voelt koud aan. Vervolgens beweegt hij met een apparaatje over het te onderzoeken lichaamsdeel, bijvoorbeeld de buik. Met dit apparaatje worden geluidsgolven verzonden en ontvangen. Op een computerscherm zijn direct de beelden te zien die via het apparaatje worden opgevangen.

[flv]http://www.stsn.nl/TM_Echo-H264 16:9 (640*360).flv[/flv]

Geplaatst in Dossiers.