MBO/HBO Contactdag 2015

Veel creativiteit om tot een gezonder evenwicht te komen

Verslag van het MBO/HBO contact, tekst Arni Hubbeling

Vier pannen soep
Zaterdag 28 maart kwam het MBO/HBO contact weer bij elkaar. We realiseerden ons dat de eerste keer in 2000 was met 5 mensen in een zaaltje in een hotel in Utrecht. Johan Mulder en ik waren de begeleiders en we bespraken de resultaten van ons onderzoek naar gedragsaspecten bij TSC.

Intussen zijn de banden flink versterkt en uitgebreid. Dit was de derde keer dat we in Meerkerk bij elkaar kwamen, voor mensen uit Brabant wel een heel stuk dichterbij vergeleken met de keren dat ze om zeven uur op het perron stonden om op tijd in Dronten te zijn waar we elkaar vele malen hebben ontmoet. In beide gevallen was en is de ontvangst altijd helemaal geweldig. Michel en Jennie Fijnekam hadden deze keer voor de lunch voor de 15 aanwezigen maar liefst vier pannen soep gemaakt, twee om voor de gezelligheid uit te kunnen kiezen voor de meeste deelnemers, één gluten-vrij en één veganistisch voor de overgevoelige types onder ons. Mijn hondje had zijn eigen bakje met brokjes, vlees en glutenvrije spruitjes.

Stress en chaos in je hoofd
Inge Tol begeleidde de partnergroep en ik de-TSC lotgenoten. We begonnen met het verschijnsel `stress’ en de chaos die dan in je hoofd ontstaat. Een deelnemer vertelde dat op het moment dat de letters op de computer naar beneden begonnen te vallen hij zich realiseerde dat hij een burn out had en dat de irritatie die hij de tijd daarvoor zo vaak en snel voelde daarmee te maken had. Alle deelnemers kenden het verschijnsel van de chaos in je hoofd, net alsof alles in je hoofd ineens op slot schiet en je niet meer weet wat je moet doen. In het werk kan dit bijvoorbeeld veroor-zaakt worden als je te snel teveel dingen tegelijk moet doen en dus te vaak en te snel moet omschakelen. Dit is vaak een onmogelijkheid bij TSC! Het heeft tot ontslag geleid bij een van de deelnemers, die toen ook net in de politieke golf zat waarbij zoveel mogelijk mensen geweerd moesten worden uit de Wajong. In haar geval was dit een hele onrechtvaar-dige situatie, dus was het extra moeilijk om te verwerken. Om van een werkend bestaan in de bijstand te belanden is ook financieel een hard gelag, zeker als het onterecht is.

Andere keuzes
We hebben in onze groep verschillende mensen die niet goed meer konden functioneren in hun baan: een crèche, een kapsalon, een groot bedrijf, een ziekenhuisapotheek, een verzorgingshuis, etc. Sommigen hebben werk kunnen creëren of vinden dat beter aansluit bij hun capaciteiten en beper-kingen. In plaats van werkdruk in een crèche en het moeten verduren van onbegrip van leidinggevenden heeft iemand de keuze gemaakt voor gastouderschap. Ze vangt kinderen op en verzorgt ze bij de ouders thuis en geeft aan dat ze de ruimte moet hebben om het op haar manier te doen. Een andere vrouw is kapster aan huis geworden en dat gaat geweldig goed. Geen stress van een bazin met onbegrip en kritiek, maar werken op je eigen voorwaarden. Een derde doet vrijwilligerswerk, omdat werken in een baan er niet meer in zit, maar het vrijwilligerswerk op een school gaat heel goed. Een vierde werkt nu in de thuiszorg. Dat gaat een op een, bij mensen thuis, waardoor de stress zoals ze die in het grote bedrijf opliep niet meer structureel aanwezig is. Er is dus ook veel creativiteit om tot een gezonder evenwicht te komen.

Niet ingevulde tijd
Een van onze deelnemers zit met het probleem dat als er geen huishoudelijk of ander werk afgewerkt moet worden, ze eigenlijk niet weet wat ze nou echt leuk vindt. Ik haal de lezing van Colette de Bruin aan die zoveel nadruk legde op het verschijnsel dat voor autistische mensen niet ingevulde tijd zo ongeveer een ramp is. Wat te doen? Ze wil zo graag dingen doen die ze echt leuk vindt, maar dat duurt altijd maar kort. Dat is frustrerend voor haar. Thuis yogaoefeningen doen en op haar ademhaling letten, dat is een nieuwe mogelijke activiteit. Mij weer eens bellen als ze zich echt rot gaat voelen, dat vindt ze ook een goed idee.

Knotwilgen
Na de wandeling langs de knotwilgen door het polderland hielden we een afsluitend rondje. Een van de deelnemers van het eerste uur gaf aan dat hij wel graag meer zou kunnen en willen overdragen aan jongere deelnemers. Waar zijn die? Of hebben die niet zo´n zin in een groep met mensen van in de dertig, tegen de veertig? We zullen het bestuur hierover polsen.

Hoe verder?
Het herkennen van de problemen en eigenaardigheden van TSC is geen eyeopener meer. De meesten komen al lange tijd jaarlijks bij elkaar. Heeft de groep nog wel zin voor de mensen, of zijn er misschien ook die het eigenlijk wel genoeg vinden, of die niet meer een keer per jaar maar bijvoorbeeld een keer per twee jaar bij elkaar willen komen. En is dat verschillend voor de mensen met TSC en voor hun partners? Belangrijke vragen en belangrijk om daar in alle vrijheid antwoord op te kunnen geven. Ja, zei een deelneemster, ik wist niet of ik wilde komen……maar ik vind kiezen altijd moeilijk, dus liet ik het aan mijn man over. Ja, zei haar man… ik dacht het gaat om jou, dus jij moet maar zeggen of je wilt of niet. Nou, zei een partner van het eerste uur, ik vind het wel goed om een keer in de twee jaar te komen. Oh, zei haar man, nou dat weet ik niet hoor, om dat nu al zo te stellen.

Herkenning en begrip
De anderen zeiden dat ze er wel behoefte aan hebben. Want… het is niet alleen de herkenning, maar ook het begrip. Als je een nare periode hebt gehad en je bent dat aan het verwerken, zoals een van de deelneemsters zei, van wie de relatie is verbroken en die verhuizen moest, dan is het heel fijn als je dat kunt vertellen aan mensen die van binnenuit begrijpen hoe je je voelt. We ontmoeten elkaar volgend jaar dus zeker weer. In welke samenstelling? We zullen het zien. n

Geplaatst in Events.

Geef een reactie